conclusies
Op het eind van het voorgaande hoofdstuk is de conclusie getrokken dat de herhuisvesting ook nu goed is verlopen en dat de bewoners tevreden zijn met het resultaat van de wijkvernieuwing; 88% geeft een voldoende. In het onderstaande is deze eindconclusie verder genuanceerd. Eerst is aangegeven op welke punten de tevredenheid van de bewoners is toegenomen. Vervolgens is een opsomming opgenomen met punten, waarover de tevredenheid min of meer gelijk is gebleven en een aantal punten die minder zijn dan voorgaande jaren. Tenslotte zijn drie conclusies verwoord met betrekking tot verandering van type woning; terugkeer eigen wijk en verandering buurtbetrokkenheid.
Over de volgende punten is de tevredenheid (verder) toegenomen:
- Ongeveer 2/3 van de mensen die naar een bewonersavond zijn geweest, is tevreden over de informatievoorziening.
- Nagenoeg iedereen, die sociale begeleiding heeft gekregen, was tevreden.
- Over het onderhoud van de oorspronkelijke woning door de corporatie sinds de start van de wijkvernieuwing, is 70% van de respondenten tevreden.
- Ongeveer twee derde was tevreden over het beheer van de wijk tijdens de wijkvernieuwing.
- Om een nieuwe woning te krijgen heeft iets meer dan twee derde zelf, via Woningnet, kunnen slagen. Dit percentage van zelf zoeken (67%) is een verdubbeling van dat van de vorige keer.
- Bij slechts 6% van de ondervraagde bewoners zijn door de corporatie woningen aangeboden die niet voldeden aan de opgegeven woonwensen van de bewoners. In 2004 was dit nog 18% en in 2002 27%, een duidelijk verbetering dus.
- Ongeveer 20% was (zeer) ontevreden over de staat van de nieuwe woning bij oplevering. Dit is minder negatief dan in voorgaande jaren.
- Uit vergelijking tussen de rapportcijfers komt naar voren dat men de nieuwe wijk iets beter beoordeeld dan dat men dat twee jaar geleden deed: het gemiddelde cijfer is een 7,6.
- Nagenoeg 70% van de mensen is tevreden met de hoogte van de vergoeding. Dit is iets hoger dan de vorige keer.
Over de volgende punten zijn de bewoners tevreden tot zeer tevreden, vergelijkbaar met dat van voorgaande jaren:
- Over de informatievoorziening, met name wat betreft de persoonlijke brief, het tijdig inlichten over de ophanden zijnde sloop en herhuisvesting en het persoonlijke gesprek zijn de bewoners tevreden tot zeer tevreden.
- Op de vraag of de corporatie aan de woonwensen van de huurders kon voldoen, antwoordt 60% bevestigend en nagenoeg 13% gedeeltelijk, terwijl 87% van de mensen tevreden tot zeer tevreden is met de nieuwe woning. Dit laatste percentage komt nagenoeg overeen met dat van de vorige keer (88%).
- Uiteindelijk geeft nagenoeg iedereen (97%) de huidige woning een voldoende. Dit is een vergelijkbare score met die van de vorige keer.
- Van de ondervraagde bewoners die gebruik hebben gemaakt van de verhuisservice was het overgrote deel tevreden over deze service.
- 85% van de mensen die contact hebben gehad met de bewonersorganisatie in hun wijk, gaven deze een voldoende: dat is iets beter dan dat van de vorige keer. Toen was dit percentage 77%.
Over de volgende punten is de tevredenheid afgenomen:
- De gevoelens van onveiligheid in de wijk, nadat bekend werd dat er gesloopt zou worden, zijn toegenomen.
- De woonlasten voor de geherhuisveste huishoudens zijn gestegen. Gemiddeld is het € 125. Van de respondenten heeft 70% een huurstijging van meer dan € 50 gekregen. Deze huursprong is weer groter dan die van de vorige keer, toen dit percentage 65 was, wat ook al weer meer was dan de keer daarvoor. Hierbij moet verwezen worden naar de twee kanttekeningen eerder in de tekst.
- Van de respondenten die nu meer huur betalen, zegt 20% financieel in de problemen te zijn gekomen: dit is een hoger percentage dan de vorige keer (17%), vooral ten gevolge van de late uitbetaling van de huurtoeslag.
- Van 82% krijgt de woningcorporatie een voldoende; dat is lager dan in de vorige periode, toen dit percentage op 92% lag. Het gemiddelde rapportcijfer ligt nu op een 6,8.
Overige conclusies:
- Veel meer huishoudens zijn terecht gekomen in een appartement dat bereikbaar is met een lift: ongeveer 2 ½ keer meer dan in de oorspronkelijke situatie. Desalniettemin laat dit onderzoek zien dat velen toch weer in een portieketage woning terecht zijn gekomen, al is het percentage gezakt van 61% naar 51%.
- In tegenstelling tot voorgaande jaren, toen het overgrote deel (72% in onderzoek 2004) van de geherhuisveste huishoudens binnen eigen wijk verhuisden, is dit nu slechts een klein deel, namelijk 15%. Niet duidelijk is waar dit mee te maken heeft. Wel kwam bij de mondelinge interviews naar voren dat op een enkeling na, voldaan is aan de wensen met betrekking tot de nieuwe wijk. De wens om in de eigen wijk te willen blijven, die in voorgaande jaren nog zo sterk gehoord werd, is dit keer kennelijk een stuk minder relevant.
- Uit de beantwoording van een aantal vragen met betrekking tot de betrokkenheid bij de buurt, valt af te leiden dat het met het weglekken van sociaal kapitaal wel lijkt mee te vallen en dat de nieuwe start die de mensen maken, hen eerder stimuleert om zich juist meer met de (nieuwe) buurt te bemoeien dan dat ze vroeger deden.

